Home Cultuur 135 jaar Rokersclub… dat moeten we vieren

135 jaar Rokersclub… dat moeten we vieren

0

Volgens Jef Valcke werd er te Heist in clubverband reeds aan pijproken gedaan in 1882 bij Pietje Pek (Pieter Vlietinck) in de Kursaalstraat, waar later café Rodet kwam en nog later de “Pallieter”. Zeker is het alvast dat Alfred Martony (Fredje Pauw) er bij was om de rokersclub in 1909 definitief vorm te geven in het café van Gustaaf Leber ter Pannestraat.

135 Jaar rokersclub " De Ware vrienden "
Klik op de foto voor de fotoreportage van Yvan Kaux

Van de secretaris van de rokersclub vernamen wij dat de club ontstaan was in 1883, de tijd toen de Heistse vissersboten nog van op het strand vertrokken. De vissers konden ’s winters in hun kleine platte schuiten nauwelijks naar zee. Ze breiden netten en boerden allemaal wat, maar hadden in de duistere avonden ook veel vrije tijd. Wedstrijd roken was goed vertier en het was ook heel goedkoop. Daarom werd tussen pot en pint besloten een rokersclub te stichten.

Receptie 135 jaar bestaan van de Rokersclub De Ware Vrienden (café Den Oosthoek, Heist) 08/06/2019
Klik op de foto voor de reportage van Alain Donvez

Dit zou zijn gebeurd op de hoek van de Vissers- en de Pannestraat, bij Leber. Op zaterdag 17 oktober 1925  werd de rokersclub overgebracht naar het Kleine Marktje, nu De Bolle genaamd, in de “De Nieuwe Zeebaken” bij Richard Dierickx (later Mouton), later de Nieuwe Zeehaven, de Kubus en nu the Factory,. Een week later had de eerste prijskamp plaats met 42 deelnemers en elke week kwamen er nieuwe pijprokers bij. Het lidmaatschap bedroeg 2,50 fr en het inleggeld per wedstrijd 3 fr. De eerste kampioen werd Leopold Ackx.


Tot het uitbreken van de oorlog 40/45 kwamen de pijprokers elke week naar “Moutons” met de hoop 4 gr tabak wat langer in brand te houden. Het pijproken was werkelijk “in” te Heist.

Tijdens de oorlogsjaren bleef de pijp aan het rek hangen… wegens gebrek aan tabak. De miserie van de tweede werelddoorlog was nauwelijks achter de rug, maar voor velen nog niet vergeten, of de rokersclub was weer present.


Bij de “Moutons” kon niet herbegonnen worden, zodat het uitzien geblazen was naar een ander lokaal. De keuze viel op Café Ferry Bank, bij Leon van Pol Musschens, die zo pas uit Engeland teruggekeerd was. De Ferry Bank zou meteen de bakermat worden, niet alleen van de groei en de bloei van de rokersclub “de Ware Vrienden”, maar ook en niet in het minst van Oosthoekkermis.

Bij de herneming van de activiteiten stond Henri Blomme aan het roer van een ganse ploeg Oosthoekenaars die boordevol ideeën staken.
Het aantal leden steeg heel vlug en liep in weinige jaren op van 100 naar 500. Vanaf de winter 50-51 grepen ook de vrouwen naar de pijp en de tabak. De eerste voorzitster was Mevr. Adrienne Vantorre en de secretaresse Mevr. Helene Depaepe. In de rokersclub was men toen reeds aan de “emancipatie” toe… of waren de vrouwtjes de voorlopers van de huidige Dolle Mina’s? Maar toch nog discriminatie, want de mannen roken 4 gr en de dames slechts 3. Het bleef ook niet met een wekelijks onderonsje in café de Ferry Bank. Buiten de gemeentegrenzen werden de “Ware Vrienden” geduchte tegenstanders in prijskampen te Middelkerke, Eernegem, Beerst, Koekelare…

In 1955 rookte Meintje Mille eens de eerste prijs met 91 minuten, op 38 deelnemers. Dat betekende 3 gram tabak gedurende anderhalf uur brandend houden.
En ‘t was “straffe tubak…!

Jos Wtterwulghe of Tjeppen van Pier de Brees, zoals ze hem beter kenden, is nog steeds West-Vlaams recordhouder met 204 minuten. Bij de vrouwen vinden we Olive Odgen aan de top met 138 minuten. En als we nu weten, dat in november 1976 langs de radio werd omgeroepen dat het wereldrecord pijproken op naam van een Japanner werd gebracht met 210 min dan reikt het record van Joseph Wtterwulghe denkelijk heel wat verder dan West-Vlaanderen. De Japanner zou het wereldrecord overgenomen hebben van een Fransman die met 200 minuten genoteerd stond. Dus is Tjeppen van Pier de Brees, zonder het zelf te weten, lange tijd wereldrecordhouder geweest!

Ook in hun eigen Oosthoek heeft de rokersclub grote prijskampen georganiseerd. In 1955 o.a. nadat een federatie was gesticht, werd op carnavalszondag het kampioenschap van de beide Vlaanderen op het programma gebracht. Heel de Oosthoek stonk toen naar de tabaksrook.

En steeds maar werden nieuwe ideeën uit de pijp geblazen. De uitslagen van de wekelijkse prijskampen werden soms met de lapnamen gepubliceerd, omdat men nooit goed wist wie die Vandierendonck, Vantorre, Slabbinck of WtterwuJghe was…

Er werd ook gerookt per ploeg man-vrouw, wat ook zijn charme had met meer dan één verrassende uitslag. Later zouden de prijskampen gehouden worden met handicap, met de bedoeling iedereen de kans te gunnen om prijs te roken (de krabbers kregen 5 minuten voorsprong).

In dit soort pijproken speelt de techniek van het stoppen van de pijp en het blazen in de pijp een grote rol. Het schijnt zelfs bewezen, dat niet-pijprokers van nature de beste rokers zijn in de prijskampen. De stenen pijpen waaruit gerookt wordt, zijn tegenwoordig ook al duur betaald. In de gewone omgang zijn de stenen pijpen al lang uit de mode (wegens de valse tanden?). En er gaan er nog aardig wat stuk tijdens het rookseizoen.
De prijskamppijpen worden niet meegenomen naar buis, maar blijven netjes hangen op een rij aan een muurbord.

Sinds 1974 heeft de koninklijke rokersclub “De Ware Vrienden” de 0osthoekenaars en ook de rest van de bevolking verwend met hun folkloristische festiviteiten. Oosthoekkermis is al sinds jaren iets aparts, er was zelfs een tijd dat de “grote” kermis voor de foorkramers slechts een aanloop was naar de veel sterker florerende Oosthoekkermis. Vooral de jaren dat de standplaatsen verpacht werden in de weide waar nu de verlengde Noordstraat is, de Pannestraat en op het plein van de ijsfabriek. De foorinrichtingen hadden tijdens de dag hun werk (en inkomsten) van de kinderen en ‘s avonds van de vaders en de moeders. Wat is dat nu toch allemaal veranderd… Er is nog altijd een miss rokersclub of een miss Oosthoek, een gouverneur en een garde.

Leon Creyf – troubadour, in de rol van globetrotter, kwam elk jaar van uit een ander land met gitaar, pluimhoed en glimmende “moustache” naar de Oosthoek. De meest geslaagde aankomsten waren toch deze met de vliegende schotel, met “rooknik” van de maan (1958) en uit Noorwegen en Denemarken al over de Noordzee. Voor de aankomsten op het strand waren op de zeedijk zowat 2000 mensen samengetroept. Zekere keer werden zelfs plannen gesmeed voor een aankomst per vliegtuig met het strand als landingsplaats. Maar dit werd door SABENA afgekeurd omdat de golfbrekers te dicht bijeen lagen.

Troubadour had zijn maandag, maar de andere kermisdagen moesten ook gevuld worden. De rokersclub heeft daarmede nooit problemen gekend. De vijftiger jaren trokken zelfs de volksspelen in de Pannestraat veel volk. Vogelpik per fiets, muiletrekken, liegen, eierkoers, teljoorkoers, zaklopen, de ouderwetse duivenvlucht en natuurlijk in het bijzonder “Tour de France’, later de stonden op het programma. Er was ook een kampioenenstoet met een echte themawagen. Gemaakt in de boeie van behanger en meubelwinkel André d’Hauw en Paula Andries (Paula sjieke). Na het sluiten van café Ferry-Bank verdween ook heel wat van de oorspronkelijke sfeer. Ook de financiële middelen van de rokersclub raakten stilaan op. Zonder de inzet van een aantal bezielers zou de rokersclub zijn verdwenen..


In Café den Oosthoek leeft een volk van werken en plezier en krijgt één van de oudste verenigingen van Knokke-Heist een derde leven. Steun de jarige Rokersclub dit jaar wat extra door een pint te drinken in de tent van het stemlokaal aan Meubels Bonny.  

Artikel